Omdat mensen steeds ouder worden is het nodig dat de leeftijd wordt verhoogd. De verhoging van de AOW-leeftijd naar 67 jaar gebeurt geleidelijk over een periode van tien jaar. Per 2015 naar 66 jaar en per 2020 naar 67 jaar. Uitbetaling van de aanvullende pensioenen zal aan dit invoeringsschema worden aangepast.
Nu wel allemaal ouder worden en er minder jongeren zijn, zullen we langer moeten doorwerken. De AOW-leeftijd wordt in 2020 naar 66 jaar verhoogd en in 2025 naar 67 jaar. De fiscaal relevante pensioengerechtigde leeftijd volgt deze verhoging. Er komt wel een mogelijkheid om de AOW-uitkering één of twee jaar eerder of later te laten ingaan met aanpassing van de uitkeringshoogte.
Om de toekomst van de AOW veilig te stellen, moeten er op korte termijn maatregelen worden genomen. Vanaf 2011 wordt de AOW-leeftijd daarom in kleine stapjes verhoogd tot 67 jaar. Dat voorkomt ingewikkelde overgangsmaatregelen. Enige uitzondering vormen de mensen die op hun 65ste al 45 dienstjaren achter de rug hebben.
De AOW moet sociaal, eerlijk en modern worden. De leeftijd waarop mensen AOW krijgen wordt gekoppeld aan het aantal jaren dat iemand heeft gewerkt. Iedereen krijgt na 45 jaar werken een AOW-uitkering. Mensen die vroeg zijn begonnen kunnen eerder stoppen. Mensen die lang hebben gestudeerd, werken langer door. Mensen die door overmacht niet kunnen werken bouwen ook AOW op.
Doordat we langer in goede gezondheid leven, worden de kosten hoger. Om houdbare overheidsfinanciën te garanderen wordt de AOW-leeftijd geleidelijk verhoogd naar 67 jaar. Vanaf 2015 wordt de AOW-leeftijd de eerste zes jaar met een maand verhoogd, daarna ieder jaar met twee maanden. Wel wordt er rekening gehouden met zware beroepen.
Mensen beginnen later met werken, worden ouder en blijven langer gezond. Daarom is het rechtvaardig om mensen langer te laten doorwerken. Lasten worden zo eerlijk verdeeld tussen generaties. Essentieel is dat we tegelijkertijd echt werk maken van een leven lang leren en de arbeidsmarkt toegankelijker maken voor ouderen.
Een verhoging van de AOW-leeftijd is ongewenst, onzinnig en onnodig. Mensen die na hun 65ste willen doorwerken worden niet automatisch ontslagen, maar krijgen dezelfde rechten en plichten als andere werknemers.
Wij leggen de rekening niet bij de burger. Het krijgen van een AOW met 65 jaar moet behouden blijven. De handhaving van de oudedagsvoorziening is het enige breekpunt bij de formatie van een kabinet.
Lees ook "Levenswerk" door Anna Beeftink.