Je kunt op verschillende manieren naar de eurocrisis kijken; ik kan er eigenlijk alleen maar een leiderschapscrisis in zien.
Falend leiderschap als oorzaak (een fataal verdrag waarmee de muntunie werd gevormd), falend leiderschap bij de oplossing (interne verdeeldheid bij de politieke leiders die verantwoordelijk zijn voor de schuldensituatie). De oplossing is daar ook te vinden: in beter leiderschap. Helaas is dat ver te zoeken, ook in Nederland. Of ik moet misschien zeggen: vooral in Nederland.
Deze week was EU-voorzitter Van Rompuy in Nederland om te lobbyen voor zijn ‘masterplan’. Een veelomvattend plan, gesteund door Duitsland en Frankrijk, waarin de eurolanden zich zouden moeten committeren aan strengere begrotingsdiscipline en beter toezicht op de financiële sector. Waarbij ze meer bevoegdheden aan ‘Brussel’ moeten afdragen, maar beloond worden met betere financiële garanties zoals een groot noodfonds en euro-obligaties.
Onze eigen staatsman, de demissionaire premier Mark Rutte, deed zijn best om deze oplossing voor de crisis in een zo vroeg mogelijk stadium te torpederen. “Laat niemand denken dat de vlucht in institutionele vergezichten nu ook maar iets oplost”, verklaarde hij. De landen in Zuid-Europa moeten eerst hun problemen oplossen - daar kwam het antwoord van Rutte op neer.
Ik wil het hier niet hebben over de internationale financiële markten die snakken naar een duidelijk vooruitzicht (‘roadmap’) voor Europa en het feit dat het plan de glijvlucht van de koersen eindelijk wist te stoppen. Ik wil het hebben over leiderschap. Mark Rutte zegt in feite: die landen in Zuid-Europa hebben de shit veroorzaakt, ze moeten er zelf voor bloeden. En ik ga er geen autonomie voor opgeven: als ik dat doe lopen er nog meer kiezers bij de VVD weg naar de PVV (of SP). Dat laatste zei hij er overigens niet openlijk bij.
Tot nu zijn er twee zondebokken gevonden voor de crisis: de Zuid-Europese landen en de banken. Wat zijn zondebokken toch heerlijk! Maar waarom hebben we het niet even over de verantwoordelijke leiders, de Europese politici?
Wat we niet uit het oog moeten verliezen is: 1) de schulden van Europa zijn niet onbeheersbaar; procentueel lager dan in de VS of Japan, 2) de economische situatie in Spanje en andere landen is dramatisch, waarbij zelfs voor een bankenrun wordt gevreesd. Met andere woorden: een oplossing ís mogelijk, maar wel acuut nodig. Hoe is het dan gesteld met je verantwoordelijkheidsidee als je meteen dwars gaat liggen bij een plan dat zo’n oplossing kan bieden, met de opmerking dat er pas over te praten valt ‘over 5 of 10 jaar, wanneer de grote renteverschillen tussen Zuid- en Noordeuropese landen zijn weggewerkt’? Een land als Frankrijk wil (eindelijk) zijn verantwoordelijkheid nemen, Mark Rutte wil bij voorkeur een stok in het wiel steken. Zou het een toeval zijn dat in het ene land de verkiezingen net achter de rug zijn, en in het andere voor de deur staan?
@Plonk deelt uit

Mark Rutte (1967)
+ Frustreert eenstemmigheid terwijl de markten wachten op duidelijkheid + Zou hij snappen hoe acuut de huidige situatie om een oplossing vraagt?
Cijfer: 4
Misschien begin ik er rabiate opvattingen op na te houden, maar ik begrijp eigenlijk geen snars van die menselijke ondersoort die als beroepsbestuurders uit de politieke partijen naar boven valt, en baantjes in ons land inneemt als ‘minister-president’, ‘minister’ en ‘fractievoorzitter’. U moet zich in het zakenleven indenken dat u jarenlang tegen de financieel directeur zegt: ik doe mijn best om elk jaar slechts 3 procent méér uit te geven dan mijn budget. Toch is dat wat de Rutte’s van deze wereld doen. Uw bedrijf zou failliet gaan en dat is wat ook met Nederland dreigt te gebeuren, maar pas op wat langere termijn, als de huidige generatie politici al lang haar wachtgeldregelingen en erevoorzitterschapjes binnen heeft.
Wat me stoort is dat deze mensen nauwelijks op hun daden aan te spreken zijn. De EU-crisis is een bestuurscrisis: de crisis van politieke compromissen die een slecht EU-verdrag hebben opgeleverd en een effectieve oplossing in de weg staan. Een weg terug is een illusie (en bovendien onnodig). Met vereenvoudiging van de bestuurlijke spaghetti is het oplosbaar, maar z.s.m. en niet ‘over 5 of 10 jaar’. Mocht je dat (om electorale of andere redenen) in de weg staan dan graaf je misschien niet je eigen graf, maar wel dat van talloze Nederlandse bedrijven die investeren en zakendoen in Zuid-Europa, of die baat hebben bij een sterke euro en een gezonde economische groei in de eurozone. De eurocrisis heeft politici héél belangrijk gemaakt; té belangrijk.
Peter van Lonkhuyzen (chef gidsen van MT) schrijft over leider- en volgerschap. Hij deelt elke week een rapportcijfer uit. Eerder onderzocht hij waarom chefs in dictators en ondergeschikten in zombies veranderen in zijn boek Taboe: macht.
Twitter: @plonk
> Alle columns van Peter van Lonkhuyzen