Moord op de tv-sector

12 apr 2012  |   Rob van Leeuwen   

Verliezer 2: het distributiekanaal; de UPC’s, Ziggo’s en KPN’s 

De distributeurs verdienen nu nog goed geld met het beheer van de netwerken én met het aanbieden van pakketten tv-­zenders en betaaltelevisie. Beide modellen staan evenwel onder druk: door nieuwe toetreders (zoals Vodafone, dat inmiddels ook tv-toegang aanbiedt via het glasvezelnetwerk van KPN en Reggefiber), door veranderd kijkgedrag, maar vooral ook door de techniek. Steeds meer tv’s kunnen direct op internet worden aangesloten. Daarmee zijn de decoders van de distributiebedrijven niet meer nodig en kunnen tv-aanbieders rechtstreeks met de kijkers communiceren.

Volgens Gfk heeft op dit moment 16 procent van de Nederlanders een zogeheten connected tv en zal dat percentage in 2013 zijn gestegen naar 50 procent. Bovendien: de connected tv is niet het enige apparaat waarmee tv-content bij de internetter kan komen. Uit recent Accenture-onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat media steeds vaker op smartphones en tablets in plaats van op televisies wordt bekeken. Het aantal mensen dat in een week televisie op de tv kijkt, daalde van 71 procent in 2009 naar 48 procent in 2011, terwijl ook de wil om in de komende twaalf maanden een nieuwe tv te kopen is gedaald, van 35 procent in 2010 naar 32 procent in 2011.

Vooral onder jonge mensen is de trend sterk. In de Verenigde Staten brachten jongeren van 12 tot 34 jaar volgens onderzoek van Nielsen in het derde kwartaal van 2011 dagelijks gemiddeld 9 minuten minder voor de traditionele televisie door dan het jaar ervoor. “Jongeren kijken dezelfde programma’s, maar ze streamen ze op hun computers en telefoons”, zo berichtte de New York Times.
In Nederland kijkt 2 procent van de 13-plussers minimaal eens per maand naar televisie op de mobiele telefoon en meer dan de helft van de 13 tot 34-­jarigen kijkt tv via de computer.

Ziggo lijdt onder cordcutters en cordstripers

Ziggo mag dan met veel lawaai naar de beurs zijn gegaan, maar Ziggo zit in een markt die net zo snel op zijn kop kan staan als bijvoorbeeld de muziekbusiness de laatste jaren. De tv-kijker die verbonden is met internet, heeft buiten de ‘kale’ verbinding niets meer nodig, van Ziggo noch van een andere netwerkprovider. Steeds meer tv-kijkers kiezen voor een (bijna) volledige internetstrategie: cordcutting of cordstriping. Een cordcutter is iemand die zijn televisieabonnement de deur uitdoet en alleen nog via internet kijkt, een cordstriper is iemand die alleen nog het basispakket met lineaire televisie afneemt. In beide gevallen kan een kabelaar fluiten naar de extra omzet.

Uitgelicht:

Dit artikel komt uit  MT magazine

> abonnement?
Voorlopig blijven de tv-zenders nog wel even afhandelijk van de netwerkbedrijven, zegt Eurosport-directeur Danny Menken. “Het grootste deel van ons inkomen komt uit distributie en dat gaat nu nog via de televisie.” Het bedrijf is daarom terughoudend met internet, zegt hij. “We bieden momenteel in onze iPad-app alleen nog maar hoogtepunten aan. Volledige livebeelden via internet doorgeven is nu nog een paar bruggen te ver. Zolang de online markt nog niet voldoende ontwikkeld is, zullen wij terughoudend zijn met een cord­cutting-strategie. UPC is een van onze grootste klanten, die zullen dan minder gaan betalen.”

Lilyhammer via Netflix

Maar als grote aantallen tv-kijkers verbonden zijn met internet, is de vraag hoe lang het traditionele model houdbaar is voor de kabelbedrijven. Neem het voorbeeld van de splinternieuwe Noorse tv-serie Lilyhammer, met in de hoofdrol Sopranos-acteur Steven van Zandt, die begin februari in de Verenigde Staten in première ging. Bijzonder was dat deze serie op geen enkele tv-zender te zien was, maar alleen verkrijgbaar op het internetkanaal Netflix, dat groot is geworden met dvd-verhuur en online videostreaming.
Het Amerikaanse bedrijf stelde ook niet, zoals gewoonlijk een frequentie in waarop de serie te zien was. Ook werd niet eerst aflevering 1 vrijgegeven, waarna een week later aflevering 2. In plaats daarvan werden alle acht afleveringen van het eerste seizoen tegelijkertijd onbeperkt beschikbaar gesteld, voor alle 25 miljoen abonnees die de dienst inmiddels telt. Klanten kunnen de serie op hun televisie bekijken, maar ook via de spelcomputer, de laptop, de tablet of de mobiele telefoon. Enige vereiste? Een internetverbinding, en een abonnement op Netflix uiteraard. Wie gelooft er nog dat tradities als ‘7 uur bord op schoot’ bestand zijn tegen zoveel keuzevrijheid voor de klant? 

Nu duidelijk is wie de verliezers zijn van de toenemende tv-consumptie via internet is het tijd naar de winnaars te kijken:

« vorige pagina | 1 | 2 | 3 | 4 | volgende pagina »
Gegevens ontvanger
Naam ontvanger:
Email ontvanger:
Jouw gegevens
Naam:
Email:

reacties

(2)
Pasfoto van
  •  | 18 apr 2012 | 14:53 uur
De UPC’s, Ziggo’s en KPN’s zullen altijd winnaar zijn.
Als 'winnaars' zoals Netflix, Google of rechtenhouders van premium content hun aanbod in hoge kwaliteit tot bij de consument wil krijgen zal ze altijd afhankelijk zijn van premium internet distributeurs zoals bovengenoemde 'verliezers'.
Pasfoto van Ewald Smits
Klopt, maar in distributie zit niet de business.
reageer op dit artikel


 

 
Volg MT op Facebook
X