En dan ineens blijkt die medewerker toch niet zo betrouwbaar als je altijd dacht. Is het omdat hij als gevolg van een reorganisatie binnenkort jouw organisatie moet verlaten en dus minder loyaal is, dat hij zich tegoed doet aan jouw (bedrijfs)eigendommen? Of is het omdat het economisch allemaal wat minder gaat en hij in de verleiding komt om zijn buurman te laten betalen voor het gebruik van zijn bedrijfstankpas, waarover hij de beschikking heeft?
Aanpakken zulk gedrag. Ontslag op staande voet, zul je denken. Maar hoe bewijs je zoiets? Hoe voorkom je dat de rechter je op de vingers tikt wegens schending van de privacy van je frauderende medewerker? Of omdat je jouw medewerker niet voldoende hebt voorgelicht? Met andere woorden, hoe voorkom je dat je bij de rechtbank al met 1-0 achterstaat als het proces nog moet beginnen? Simpel: wees duidelijk naar je medewerkers. Hoe?
Zie het als de zorgplicht, zoals financiële instellingen net als jouw bank die hebben. Het kenbaarheidsvereiste heet dat in juridische termen. Het werkt preventief ten aanzien van fraude. En zo niet, dan kan jou achteraf nooit het verwijt worden gemaakt dat je te weinig aandacht hebt geschonken aan het integer handelen van jouw medewerkers of dat jij onrechtmatig handelt. Daarmee sta je voor het kantongerecht eerder met 1-0 voor dan dat je tegen een onoverbrugbare achterstand aankijkt.
Over de auteur:
Dit artikel is geschreven door Podiumauteur Peter van Rijn, manager Investigations bij Interseco.
Over het Podium:
Ook uw visie geven op ontwikkelingen binnen uw vakgebied? Plaats een artikel op MT Podium. Log in op mt.nl/profiel en voeg onder 'activiteiten' uw artikel toe. Interessante bijdragen worden meegenomen in de nieuwsbrief en op home geplaatst. MT Magazine publiceert bovendien periodiek 'Het beste van MT Podium'.