21 feb 2012 |
Arjan Zweers
Een slagveld onder de pensioenfondsen; waar vallen de ergste klappen? Sinds gisteren is bekend dat een flink aantal van de 103 pensioenfondsen die onder water staan, wel moet korten om überhaupt zicht te houden op de wettelijk vereiste minimale ondergrens van 105 procent. De grootste verliezers op een rij.
Ook al stelt de pensioenkoepel ‘pensioenfederatie’ dat de gemiddelde korting slechts 2,3 procent is. Toch is het een hard gelag voor de gepensioneerden die nu een uitkering krijgen. Maar zeker niet alleen voor hen. Ook voor de huidige premiebetalende werknemers en de slapers (mensen die ooit deelnamen aan het fonds) is het een dure dag. Hun aanspraken worden net zo hard afgestempeld. Hoewel, het is - zo benadrukt de pensioenfederatie in een poging nog een glimpje (onrealistische) hoop te schenken - een voorgenomen korting. Het kan ook niet doorgaan. Maar die kans is nul. Dus, wie zijn de grootste verliezers?
4 van 6
Strakke actie
Ook niet mals is de korting van 11,6 procent die de gepensioneerden en premiebetalers in het pensioenfonds ‘vlakglas en verf’ mogen slikken. En ook hier zit weer een vette adder onder het gras. Want die 11,6 is een tussenstand. Wat het fonds nog extra gaat korten per 1 april 2013 is nog niet bekend. Als de bedoeling is de inkomensonzekerheid weg te nemen zou je dit kunnen kwalificeren als een strakke actie.